In 1806 speelde luitenant-admiraal Jan Hendrik van Kinsbergen (1735-1819), bewoner van landgoed Welgelegen, met de gedachte iets te doen voor Apeldoornse meisjes die een of beide ouders door de dood moesten missen. Het lukte hem een vijftal heren, te goeder naam en faam bekend staande ingezetenen van het toenmalige dorp, te winnen voor zijn idee.

Om de weesmeisjes een goed en veilig dak boven het hoofd te bieden werd een leegstaande boerderij gekocht aan de Dorpsstraat. Boven de deur werd de aanduiding INSTITUUT VOOR ARMEN WEEZEN geschilderd, waarmee Apeldoorns eerste weeshuis een feit was. 
Er zouden er meer volgen. Kommervolle tijden en periodes dat het voor de wind ging, wisselden elkaar af. In 1956 kwam er een einde aan de verzorging van de meisjes, vooral als gevolg van maatschappelijke veranderingen. Nu herinnert nog steeds het monumentale pand  aan de Koninginnelaan 43 – het vierde weeshuis in successie –  aan Van Kinsbergens nalatenschap.

Ter gelegenheid van het 200-jarig jubileum van Stichting  Meisjes-Weeshuis der Hervormde Gemeente van Apeldoorn en Het Loo beschreef Wim Kroon  de ups en downs van de pubers; van weggelopen en door de politie teruggebrachte weesmeisjes; van verdriet om de dood van een huisvriendinnetje en van enthousiaste verhalen over een bezoek aan de koningin. Maar ook de zorgen van en over weesmoeders, het besturen door  de regenten en regentessen, het financiële reilen en zeilen van het weeshuis, zijn aldus vanuit het volledig aanwezige  archief weer kenbaar geworden.

Het boek “Weesmeisjes in Apeldoorn, Geschiedenis van het Weeshuis der Hervormde Gemeente van Apeldoorn en Het Loo, 1806 – 2006” is daarmee een monumentale weergave van 200 jaar weeshuisgeschiedenis. Het eerste boek is op 19 oktober 2006  overhandigd aan de burgemeester van Apeldoorn, de heer mr. G.J.de Graaf, in een feestelijke bijeenkomst in het oude stadhuis, waarbij  tevens door het College van Regenten en Regentessen de  Jeugdprojectprijs werd ingesteld